Noodhulp tussen luchtaanvallen en mortiergranaten

Gaza. Terre des Hommes-kantoor. Aan het hoofd een bijzondere vrouw. Zes weken van oorlog, constante bombardementen. Hoe doe je dan je werk? Khitam Abu Hamad: “De hele oorlog is een ramp, maar het toont hoe mensen elkaar kunnen helpen. Mensen bieden elkaar troost en solidariteit.

Humanitarian aid

Terre des Hommes Nederland is zelf niet actief in Gaza, maar zusterorganisaties Terre des Hommes Lausanne en Terre des Hommes Italië wel. Een bijzondere vrouw geeft leiding aan het TdH-kantoor in Gaza stad: Khitam Abu Hamad. We interviewden haar ter gelegenheid van de Werelddag voor Humanitaire Hulp, afgelopen dinsdag 19 augustus. Ze had niet langer dan een paar minuten, om terug te kijken op de afgelopen zes weken, tussen het regelen van een voedseldistributie en sollicitatiegesprekken door.
  
Dokter Khitam maakte hevige bombardementen mee. Luchtaanvallen, mortieraanvallen, marinebombardementen op de nabijgelegen haven tegenover het Terre des Hommes kantoor, afgewisseld met ontelbare wapenstilstanden die geen stand hielden. Ieder moment bleef ze zich zorgen maken over de kinderen van Gaza.
 
We ontmoeten een levendige vrouw, met een gulle lach. Ze laat ze haar gedachten gaan over sociale rechtvaardigheid, de betekenis van hulpverlening en over de ontmoeting met een vijftienjarige jongen die ze nooit zal vergeten. 
 
Tdh: Wat bracht u ertoe om hulpverlening en ontwikkelingswerk te gaan doen?
 
Khitam: “Opgroeiend in Gaza heb ik altijd moeilijke, harde omstandigheden meegemaakt. Sociale rechtvaardigheid is diep in mij geworteld. Nadat ik gepromoveerd was op sociaal beleid, besloot ik om in dit vakgebied aan de slag te gaan. Mijn studie ging helemaal over sociale rechtvaardigheid en daar wilde ik aan bijdragen. Dit heeft mijn leven veranderd. Ik ben zeer toegewijd aan mijn gemeenschap en aan de kinderen van Gaza.”
 
TdH: Ondanks de zware beschietingen die u in de afgelopen weken heeft meegemaakt, heeft u voor meer dan tweeduizend Palestijnse mensen de distributie van de noodhulp kunnen coördineren. Wat waren uw gedachten en gevoelens daarbij?
 
Khitam: “Zelf woon ik in het Al Zeitoun gebied, dat wordt beschouwd als een risicogebied binnen Gaza. Tijdens de tweede week van de oorlog , toen er om de minuut luchtaanvallen waren, zijn we naar Beit Lahiya gegaan, om droogvoedselrantsoenen uit te delen. Juist middenin de oorlog heeft de distributie van voedselpakketten prioriteit: er wonen arme mensen in Beit Lahiya die geen toegang hebben tot basisbenodigdheden zoals voedsel. Het is een zeer ernstige situatie voor hen. Omdat we niets kunnen doen om de politieke situatie te veranderen, hebben we besloten om deze mensen te helpen, niet alleen voor het voedsel, maar ook om hun veerkracht te verhogen en hen te steunen.” 
 
TdH: Ervaart u wel eens hoopgevende momenten in de chaos van de oorlog?
 
Khitam: “Het is moeilijk om hoopgevende momenten te zien wanneer je zwaar gebombardeerd wordt. Maar sociale solidariteit is een opmerkelijk iets in Gaza. De hele oorlog is een ramp, maar het toont hoe mensen elkaar kunnen helpen. Het lijkt normaal voor gezinnen om onderdak en voedsel te verlenen aan dertig, veertig personen. De humanitaire hulporganisaties en de ontwikkelingsorganisaties zijn heel geëngageerd. Het lukt hen om via partners voedsel en water uit te delen. Mensen bieden elkaar troost en solidariteit. Dat is een overlevingsmechanisme.”
 
TdH: U bent een Palestijnse uit de Gazastrook. Hoe slaagt u er in om u te concentreren op uw werk zonder emotioneel betrokken raken?
 

Khitam: “Zelfbeheersing is zeer belangrijk en ik denk dat ik daarin slaag. Maar ik kan niet zeggen dat ik niet geraakt wordt, er los van sta.  Mensen kunnen zich niet volledig afsluiten van de situatie waarin ze leven. Maar ik probeer mijn emoties om te zetten in energie voor mijn werk. Wanneer ik me boos of machteloos voel, schakel ik mijn gevoelens om van negatief naar positief. Dat helpt me veel in mijn werk.”
 
TdH: U zit midden in een noodsituatie en toch bent u vandaag bezig met het werven van medewerkers, via de formele wervingsprocedure, waarbij u geen stap wilde overslaan. Zes kandidaten leggen nu een schriftelijke test af. Waarom is het proces zo’n belangrijk punt voor u?
 

Khitam: “Het leven is hier zeer onrechtvaardig, dus waar ik kan probeer ik rechtvaardigheid te waarborgen. We hebben op z’n minst op twee vlakken te maken met onrechtvaardigheid. Ten eerste leven we in bezet gebied. Ik ben geboren als vluchteling. Mijn familie vluchtte in 1948 uit ons vaderland en kon er nooit naar terugkeren. We hadden een groot stuk land, maar we moesten vertrekken en alles achter ons laten. Ten tweede ben ik een vrouw en het is heel moeilijk voor ons om onze weg te vinden  en onze doelen te bereiken. Sociale en culturele beperkingen zijn een groot probleem hier in Gaza.
Wat heeft dat met sollicitaties te maken? Sommige mensen zoeken makkelijke manieren om een baan te krijgen, maar als je in hulpverlening en ontwikkelingswerk werkzaam wilt zijn, moet je hoge eisen handhaven. We streven er naar om kandidaten gelijke kansen te geven.”
 
TdH: Op dit moment gaat alle aandacht naar de noodhulp, maar in vredestijd doet u opbouw- en ontwikkelingswerk van Terre des Hommes, gericht op kinderen. Wat probeert u te bereiken in uw dagelijkse werk als humanitair werker?
 
Khitam: “Ik probeer mijn werk zo goed mogelijk te doen. Het Terre des Hommes kinderarbeidproject bijvoorbeeld. We proberen kinderen uit het slecht betaalde werk op straat te halen en hen naar school terug te brengen. Ik vind het fantastisch om the impact van mijn werk te zien.”
 
Tdh: Wat voor momenten maken de meeste indruk in uw werk voor Terre des Hommes?
 
Khitam: “Er is een kind in ons kinderarbeidproject dat ik altijd zal onthouden. Zijn naam is Yousouf. Hij is vijftien jaar en groeide op in een zeer arme familie, met veel broers en zussen. Hij werkte twaalf uur per dag om stenen en plastic te verzamelen. reddingsarbeiders te werken. We hebben hem hulp en ondersteuning gegeven en het lukte om hem te laten starten met een vakopleiding voor timmerman. Ik zal nooit zijn handdruk vergeten toen ik hem ontmoette op de vakschool in Beit Lahiya. Zijn handdruk was zo sterk en vasthoudend dat het voelde alsof zijn hand mijn hart raakte. Het was hel ontroerend en toonde me dat ons werk zo waardevol is. Hij bedankte me op een heel eenvoudige manier. Maar hij bleef mijn hand vasthouden en gaf me een krachtige boodschap: ‘Dank je voor het veranderen van mijn leven’.”

Meer informatie

 

Share this:

Related news