In de stad is iedereen rijk. Althans, dat denken de kinderen die zich vanuit het Oegandese platteland naar steden als Kampala laten lokken. Maar in plaats van gouden bergen wacht hen een bestaan als straatbedelaar, of erger.

Stel je voor: je woont in een dorp waar werk schaars is. Je hebt weinig te besteden, maar wel acht monden te voeden. Dan vertelt een dorpsge­noot over die magische hoofdstad, waar iedereen drie maaltijden per dag en onderwijs geniet. Weet je wat, oppert hij: geef jouw dochter aan mij mee, dan kan ze naar school. Een beter vooruitzicht dan jij haar kunt bieden, dus je stemt in.

Bedelaar of huishoudster

Wat je niet weet, is dat het gras helemaal niet groener is, daar in de stad. En dat je dochter waarschijnlijk gedwongen op straat eindigt als bedelaar, als huishoudster aan de slag moet of terechtkomt in de wereld van seksuele uitbuiting.

Voor veel ouders op het Oegandese platteland, vooral in de regio Karamoja en specifiek het Napak district, is dit scenario werkelijkheid. Kinderen worden onder valse voorwendselen naar steden gelokt of naar andere gebieden met betere vooruitzichten. Vaak gebeurt dat door bekenden, dorpsgenoten die er al zijn geweest.

Al zijn zijzelf daar terechtgekomen in de ellendigste sloppenwijken, het is gezichtsverlies om toe te geven dat die plekken niet het beloofde paradijs zijn. Zo blijft het beeld van gouden bergen overeind.

(Monique Janssens, Communicatie­manager Afrika van Terre des Hommes)

Uitbuiting om te overleven

Om zelf te overleven, rekruteren deze mensen kinderen voor uitbuitingsdoeleinden zoals gedwongen huishoudelijk werk, bedelen of seksuele uitbuiting. Sommige ouders kiezen er zelf voor hun kinderen te ‘verhuren’ als bedelaar.

De meest kwetsbare regio voor kinderhandel in Oeganda is de Karamoja-regio waar vooral semi-nomadische veehouders wonen. Zo’n 82 procent van de inwoners leeft in absolute armoede, waarmee het een van ’s werelds armste gebieden is.

Kinderhandel en de kijk op ouderschap

Naast armoede en ontbrekende mogelijkheden om geld te verdie­nen, spelen meer oorzaken een rol bij kinderhandel. De kijk op ouderschap, bijvoorbeeld. Soms zien ouders kinderen als makkelijk instrument om geld mee te verdienen. Veel ouders zijn daarnaast niet of nauwelijks opgeleid, waardoor ze de waarde van onderwijs niet inzien. En juist kinderen die niet naar school gaan, zijn kwetsbaar voor uitbuiting.

Onderdrukking en geweld

Kinderen die als bedelaar op straat belanden, worden niet alleen blootgesteld aan onderdrukking en geweld door hun uitbuiters, maar ook hardhandig van straat geveegd door de politie die ze zou moeten beschermen. Daders van kinder­handel worden mondjesmaat bestraft, omdat kinderrechten weinig prioriteit krijgen in Oeganda. Kinderen zijn zich bovendien nauwelijks bewust van hun rechten.

Uit een recente telling blijkt dat meer dan 15 duizend kinderen tussen 7 en 17 in de steden Kampala, Jinja, Mbale en Iganga op straat leven en werken.

Kinderhandel in Oost-Afrika

Kinderhandel is een vorm van mensen­handel waarbij kinderen gerekruteerd en getransporteerd worden met uitbuiting als doel. In Sub-Sahara Afrika betreft 72,5 procent van de mensenhandel kinderen, aldus de Verenigde Naties. Een groot aantal inwoners in Oost-Afrika leeft nog altijd onder de armoedegrens, vooral op het platteland.

Groeiende verstedelijking en industrialisering trekken steeds meer kinderen aan, die zo risico lopen op uitbuiting. Slachtoffers van kinderhandel in Oost-Afrika blijven vaak binnen hun eigen land. Opvallend voor Oeganda is dat gedwongen bedelen veel voorkomt.

 

Share this: