In Den Haag breekt men zich er het hoofd over. Het debat over het al dan niet opnemen van bootvluchtelingen uit Italië. De discussie schiet alle kanten op, maar één ding wordt volledig over het hoofd gezien. Het gaat om mensen. Albert Jaap van Santbrink, directeur van Terre des Hommes, roept Nederland op om bootvluchtelingen op te nemen. Het is onmenselijk om dat niet te doen.    

door Albert Jaap van Santbrink, directeur Terre des Hommes

Het gaat om mensen

Het debat over het al dan niet opnemen van bootvluchtelingen uit Italië schiet alle kanten op: van het aanpakken van mensensmokkelaars, het lekschieten van bootjes tot aan onze eigen rol in de ellende, veroorzaakt door handelsbelemmeringen, onze zucht naar grondstoffen, wapenleveranties en nog zo wat. Temidden van dit verbale geweld zou je bijna vergeten waar het echt om gaat: om mensen. Mensen die niet voor hun plezier zijn gevlucht, maar uit bittere noodzaak: ze verlaten huis en haard omdat hun leven gevaar loopt door oorlogsgeweld, of omdat ze hun kinderen een betere toekomst willen geven. Mensen die onderweg ten prooi vallen aan criminele bendes die zich schuldig maken aan ontvoeringen, verkrachtingen of opsluiting. Mensen van wie een op de zeven minderjarig is en onderweg naar een veilig heenkomen vaak getuige is van deze verschrikkingen, met alle trauma’s van dien. En dan moet de levensgevaarlijke oversteek naar Italië nog beginnen.

Geen bootvluchtelingen opnemen is onmenselijk

Mensen die eenmaal veilig aan wal opnieuw blootstaan aan nieuwe onzekerheden (‘mag ik blijven?’), vluchtkinderen die het risico lopen verhandeld te worden. Om deze mensen gaat het. En het zijn er duizenden. Het lijkt een heleboel maar vergeleken met de 2,5 miljoen migranten die de Europese Unie jaarlijks legaal binnenkomen is het peanuts. Maar in Den Haag, stad van het internationale recht, vrede en veiligheid, breekt men zich er het hoofd over. Wij zien bij onze opvangprojecten op Sicilië dat Italië dit niet alleen kan. Ook Nederland moet deze vluchtelingen opnemen. Het is onmenselijk om dat niet te doen. Ik zou zeggen: waar wachten we op?

(Dit artikel werd ook als ingezonden brief geplaatst in De Volkskrant van 2 juni, 2015)

Share this: