Kinderrechtenbeleid Nederland moet verbeteren

Het Nederlandse beleid op het gebied van de kinderrechten moet op een aantal belangrijke punten verbeteren, vindt Terre des Hommes. We schreven mee aan de schaduwrapportage voor het VN-Kinderrechtencomité. Vooral in het buitenlandbeleid moeten kinderrechten expliciet aandacht krijgen.

Het is op 20 november dit jaar vijfentwintig jaar geleden dat de Verenigde Naties het kinderrechtenverdrag hebben aangenomen. Nederland ondertekende het verdrag in 1990 en ratificeerde het in 1995. Sindsdien is Nederland verplicht om iedere vijf jaar het VN-Kinderrechtencomité te informeren over de situatie van kinderen die in Nederland leven of geraakt worden door het Nederlands beleid. Dit VN-comité ziet in bijna alle landen ter wereld toe op de naleving van het Kinderrechtenverdrag.
 
Het Kinderrechtenverdrag verplicht staten om ook in het buitenlandbeleid en het beleid voor internationale samenwerking de rechten van kinderen te respecteren en te realiseren. Het omvat dus ook het beleid van de ministeries van Defensie, Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, omdat hun beleid kinderen kan raken.

Schaduwrapport

In reactie op het laatste overheidsrapport aan de VN hebben Nederlandse kinderrechtenorganisaties, waaronder Terre des Hommes, het afgelopen jaar voor de vierde keer een schaduwrapport geschreven waarin ze hun visie uiteenzetten.
Kinderrechtencollectief (zie kader) komt op een aantal belangrijke punten tot andere conclusies dan het rapport van de regering aan de VN. Dit schaduwrapport werd op 24 september in Genève gepresenteerd bij het VN-Kinderrechtencomité. De belangrijkste conclusie: op belangrijke onderwerpen presteert de overheid nog onvoldoende. Om een voorbeeld te noemen, in de visie van Terre des Hommes moet het bestrijden van kinderarbeid een beleidsprioriteit zijn van de Nederlandse regering. Wereldwijd verrichten meer dan 5,5 miljoen kinderen dagelijks dwangarbeid, zoals bijvoorbeeld bleek uit het rapport At Twelve Years a Slave dat we eerder dit jaar publiceerden. Het kan en moet beter voor kinderen die te maken krijgen met uitbuiting, en de Nederlandse overheid kan daarin een verschil maken.

Hoofdpunten uitgelicht

We lichten een aantal onderwerpen uit het gezamenlijke schaduwrapport van de kinderrechtencoalitie uit: 

  • Kinderrechten en onderwijs

In het huidige ontwikkelingssamenwerkingbeleid is onderwijs niet langer een beleidsprioriteit. De hulp voor basisonderwijs aan de armste landen is verminderd, terwijl juist in deze landen de helft van alle kinderen woont die niet naar school gaan. Onderwijs is belangrijk om extreme armoede uit te kunnen bannen. Nederland dient als welvarend land zijn verantwoordelijkheid te nemen en te investeren in kinderrechten en onderwijs in ontwikkelingslanden.

  • Kinderrechten en humanitaire hulp 

Terre des Hommes waardeert de extra inzet van het Kabinet op humanitaire hulp. De aandacht voor kinderen en kinderrechten binnen de Nederlandse humanitaire hulp is echter minder duidelijk. Een voorbeeld  [Noodhulp] dat het belang toont van voldoende aandacht voor kinderrechten in humanitaire hulp, is onderwijs in noodsituaties. Van de kinderen die wereldwijd niet naar school gaan, woont de helft in landen die getroffen zijn door conflicten. Ook wonen er veel kinderen die geen onderwijs volgen in landen die getroffen zijn door natuurrampen. Dit is dan ook een belangrijke aanbeveling uit het schaduwrapport: er moet niet alleen financiële steun zijn voor levensreddende interventies, maar ook voor de realisering van het recht op onderwijs en bescherming. Dit geldt zowel voor noodhulpprogramma’s als voor preventieprogramma’s die zijn opgezet om rampen te voorkomen.

  • Kinderrechten en sociale bescherming

Wereldwijd ontbeert tachtig procent van de bevolking enige vorm van sociale bescherming. Sinds 2009 heeft Nederland verschillende sociale beschermingsprogramma’s in Afrika ondersteund, met name gericht op geboorteregistratie en cash transfers. De afgelopen jaren heeft sociale bescherming meer internationale aandacht gekregen en is het onderwerp opgenomen in het concept voor de post-2015 ontwikkelingsdoelen, mede door inzet van de Nederlandse regering. De Nederlandse overheid zou moeten inzetten op een allesomvattende aanpak van kinderrechtenschendingen, met speciale aandacht voor sekseverschillen en kwetsbare groepen, zoals kinderen met een handicap. 

  • Kinderrechten en kinderpornografie 

Het is ontoelaatbaar dat Nederland wereldwijd in de top drie staat van landen waar kinderporno wordt gehost. Dit vraagt om een duidelijke aanpak. Nederland moet repressief optreden tegen hosts die weigeren kinderpornografisch materiaal te verwijderen. De Nederlandse overheid dient zich extra in te zetten om de verspreiding van illegaal materiaal terug te dringen en te investeren in het vergroten van de politie-inzet en technologische hulpmiddelen om beeldmateriaal van kindermisbruik op internet tegen te gaan.

  • Internationale samenwerking ter bestrijding van kindersekstoerisme 

Wanneer een Nederlandse dader van kindersekstoerisme zich in het buitenland bevindt, zijn de middelen voor de Nederlandse overheid om maatregelen te nemen beperkt. De strafrechtelijke samenwerking in de aanpak van kindersekstoerisme met de meest voorkomende bestemmingslanden van kindersekstoerisme kan verbeterd worden door meer rechtshulpverdragen af te sluiten.

  • Kinderrechten en buitenlandse minderjarige slachtoffers van mensenhandel

Het Kinderrechtencollectief heeft grote zorgen over de stijging van het aantal geregistreerde minderjarige slachtoffers van uitbuiting in Nederland. Bovendien is de positie van minderjarige slachtoffers van uitbuiting slecht: het is onacceptabel dat het verkopen van kinderen in Nederland niet strafbaar is en dat buitenlandse minderjarige slachtoffers van mensenhandel niet onvoorwaardelijk een verblijfsvergunning krijgen. Het Kinderrechtencollectief vraagt om op deze punten wet- en regelgeving aan te passen en te zorgen voor voldoende aanbod van gespecialiseerde opvang en hulpverlening.
 
Het Kinderrechtencollectief vindt dat er aandacht moet zijn voor structurele samenwerking tussen bestuurlijke autoriteiten en politiële en justitiële diensten in landen buiten Europa waar kinderen vandaan verhandeld worden. Guinee en Sierra Leone staan sinds 2011 aan de top van herkomstlanden van slachtoffers van mensenhandel. Nederland zou daarom ook moeten investeren in bilaterale samenwerking met deze herkomstlanden. 

Kinderrechten en uitbuiting 

Ondanks eerdere aanbevelingen van het VN-Kinderrechtencomité heeft Nederland nog steeds geen alomvattend Nationaal Actieplan ter bestrijding en voorkoming van alle vormen van uitbuiting van minderjarigen. In plaats van een integraal Nationaal Actieplan heeft de Nederlandse overheid het beleid verder uitgewerkt in verschillende actieplannen, zoals in het Plan van Aanpak Kindersekstoerisme dat in oktober 2013 door de minister van Veiligheid en Justitie aan de Tweede Kamer werd gepresenteerd. 

Binnen de opsporing van mensenhandel dient meer geïnvesteerd te worden in financieel rechercheren, het aanpakken van criminele samenwerkingsverbanden en legale organisaties die mensenhandel al dan niet bewust faciliteren. Ondanks dat de politie, de Koninklijke Marechaussee en de Inspectie SZW hier zicht op hebben, lijkt dit nauwelijks te worden aangepakt.

Terre des Hommes en de realisatie van kinderrechten 

Terre des Hommes werkt aan de verbetering van de leefsituatie van kinderen, via noodhulp, zoals nu in Irak en via haar programma’s, waarin preventie, onderwijs, gezondheid en de bescherming van kwetsbare groepen kinderen die te maken hebben met de ernstigste vormen van uitbuiting centraal staan. Terre des Hommes onderschrijft de conclusies een aanbevelingen uit het gezamenlijke rapport van de samenwerkende kinderrechtenorganisaties. Dit najaar zal het Comité haar aanvullende vragen aan de overheid stellen. Naar verwachting zal het Comité volgend jaar een oordeel geven over de kinderrechtensituatie in Nederland en in het Nederlands buitenlandbeleid. Terre des Hommes ziet de conclusies en aanbevelingen van het Comité volgend jaar met belangstelling tegemoet.

Rapporteren bij het VN-Kinderrechtencomité

Eens in de vijf jaar legt Nederland verantwoording af bij het VN-Kinderrechtencomité in Genève over de naleving van de rechten van kinderen, zoals geformuleerd in het VN-Kinderrechtenverdrag. Nederland is in mei 2015 aan de beurt. Op 24 september kregen jongeren- en mensenrechtenorganisaties de gelegenheid om te vertellen hoe zij vinden dat de overheid het VN-Kinderrechtenverdrag uitvoert. Het Kinderrechtencollectief lichtte namens ruim zeventig ngo’s zijn rapport toe. 
Het rapport is te downloaden via www.kinderrechten.nl. Klik hier voor meer informatie over het hele proces.

Het Kinderrechtencollectief

Het Kinderrechtencollectief is een coalitie die zich inzet voor een betere naleving van de het VN-Kinderrechtenverdrag in en door Nederland en bestaat uit: Defence for Children, NJR, Augeo-Foundation, Bernard van Leer Foundation, Stichting Kinderpostzegels Nederland, UNICEF Nederland, Ieder(in), Terre des Hommes, met als adviseur het Nederlands Jeugdinstituut. 

Share this:

Gerelateerd nieuws