Meisjesbesnijdenis is verboden in Tanzania, toch gebeurt het elk jaar weer. Op verborgen plekken worden meisjes onder dwang genitaal verminkt, met verdere psychologische en lichamelijke beschadiging als gevolg. Hoe wint een hardnekkige traditie het steeds weer van de nationale wetgeving?

De één claimt dat geloof een grote rol speelt. De ander zegt dat meisjesbesnijdenis belangrijk is vanwege behoud van de cultuur. Maar een oorzaak suggereren helpt helaas niet met het vinden van een oplossing. En die oplossing ligt in het creëren van gender-gelijkheid; gelijke rechten en kansen voor jongens én meisjes. Vanuit dat perspectief erkennen we Female Genital Mutilation (FGM) als een universeel probleem.

Gender-gelijkheid creëren  begint met het waarborgen van gelijke kansen en rechten voor álle meisjes. Maar ook met het stimuleren van een omgeving waarin meisjes veilig kunnen opgroeien en zich kunnen ontwikkelen tot zelfstandige jonge vrouwen. Samen met onze partnerorganisatie ATFGM (Association for the Termination of Female Genital Mutilation) zet Terre des Hommes zich hiervoor in.

Hoe gaat Terre des Hommes te werk?

Zo vangen we samen meisjes op uit het noordelijke district van Tanzania, Tarime, die slachtoffer zijn van genitale verminking. Hoe ga je daarvoor te werk? En hoe zorg je ervoor dat je op de hoogte bent van die besnijdenissen die achter gesloten deuren plaatsvinden?

Mbusiro (16) vertelt hoe hij samen met ATFGM zijn zusjes ternauwernood heeft gered: “Ik ben het derde kind in een gezin van zes kinderen. Ik heb twee oudere broers en twee jongere zusjes. Maseke is 14 en Bibiana is 12. Bkoko is ons halfzusje, zij is 9 jaar. En onze ouders hadden heel vaak ruzie.

Mijn vader ging dan mijn moeder achterna met een mes. Zij pakte haar spullen en nam ons mee. Op de een of andere manier maakten ze het toch altijd weer goed. Nadat mijn vader overleed aan maagkanker, hertrouwde mijn moeder vrij gauw met een andere man. Hij was het er niet mee eens dat ik naar school ging, met hulp van de zusters van de kerk. Hij wilde liever dat ik thuis bleef en daar werden ik en mijn zusjes slecht door hem behandeld. Dat hield de zusters van de kerk niet tegen. Dankzij hun hulp ga ik nu naar een kostschool.

Mijn moeder had een besnijdenis georganiseerd voor mijn zusjes

Toen ik in oktober 2018 vlak na mijn examens thuis kwam, bleek dat Maseke en Bibiana flink ziek waren. De zusters van de kerk zorgden ervoor dat ze in het ziekenhuis kon worden behandeld. Mijn moeder en stiefvader vroegen ik of alvast een huurkamer voor mijn zusjes wilde reserveren, voor als ze werden ontslagen uit het ziekenhuis.

Toen werd ik getipt door een buur. Mijn moeder had een besnijdenis georganiseerd voor mijn zusjes, samen met het hoofd van de Kuria. In een huurkamer zouden ze mijn zusjes in de val kunnen lokken om ze stiekem te besnijden. Ik nam direct contact op met ATFGM, partnerorganisatie van Terre des Hommes Nederland.

Bibiana werd net op tijd gered. Maseke werd iets later bevrijd. Eenmaal bij de besnijdster begon ze zich hevig te verzetten. Precies op dat moment, vond de inval plaats door ATFGM en werd Maseke op het nippertje gered. Medewerkers van ATFGM namen mijn zusjes mee naar hun shelter, waar ik samen met mijn zusjes onderdak, eten, drinken en onderwijs krijg.

Mijn moeder zei dat een groep jongens mij zou komen vermoorden

Een dag nadat mijn zusjes waren gered stond mijn moeder voor de hekken van de ATFGM shelter. Ze eiste dat ze mijn zusjes zou meenemen. Ook zei ze dat ze een groep jongens zou vinden die mij zou komen vermoorden. Voor mijn eigen veiligheid verblijf ik daarom ook in de shelter van ATFGM. De organisatie helpt mij bij het vinden van de juiste school voor het afronden van mijn opleiding. Maseke en Bibiana zullen gauw voor het eerst naar school gaan. Ze kunnen niet wachten om te leren en te werken aan hun eigen toekomst.”

 

Share this: