Kinderarbeid in Oost-Afrika

Kinderarbeid in Oost-Afrika Terre des Hommes

In Oost-Afrika gaan 15 miljoen kinderen naar hun werk in plaats van naar school. Het werk dat zo’n 5 procent van deze kinderen doet, valt onder de ergste vormen van kinderarbeid. Ze werken bijvoorbeeld in goudmijnen, of als huisslaafjes in gezinnen. Dat gebeurt onder dwang en de omstandigheden waarin ze werken zijn uitputtend, ongezond en vaak gevaarlijk. Hoewel landen in deze regio in de afgelopen jaren hun wetten tegen kinderarbeid hebben aangescherpt, komt door een gebrek aan geld en kennis van de uitvoering daarvan weinig terecht.

Achtergrond

Huisslaafjes

Voor duizenden huisslaafjes is meer dan 16 uur werken heel gewoon. Ze krijgen er amper of niets voor betaald en worden bovendien vaak ook nog eens seksueel misbruikt. Contact met hun familie hebben ze nauwelijks en ze gaan niet (meer) naar school.

Mijnwerkers

Duizenden andere kinderen werken in Oost-Afrika in goudmijnen. Hun werk is loodzwaar, levensgevaarlijk en ongezond. Ze moeten gereedschappen gebruiken die voor volwassenen zijn gemaakt en zware lasten sjouwen. De hele dag staan ze bloot aan stof, hitte en giftige kwikdampen en de kans op instortende mijnschachten of aardverschuivingen is groot.

Oorzaken

Armoede is een grote veroorzaker van kinderarbeid. Ook het feit dat kinderen voortijdig van school gaan, traditionele gewoonten en normen en een grote vraag naar goedkope arbeidskrachten werken kinderarbeid in de hand.

Doelen

Om kinderarbeid in Oost-Afrika te stoppen richten we ons op de volgende doelgroepen:

  • Kinderen die moeten werken in goudmijnen en kinderen die als huisslaafjes werken in Tanzania en Oeganda.
  • Families en gemeenschappen waarin kinderen het gevaar lopen te worden uitgebuit.
  • De particuliere sector
  • De autoriteiten in Tanzania en Oeganda die verantwoordelijk zijn voor het beschermen van kinderen.
  • Politie en justitie
  • Maatschappelijke organisaties

Aanpak

Met ons programma richten we ons vanaf 2016 op mijnwerkers en huisslaafjes in Tanzania en Oeganda. We stoppen kinderarbeid door:

  • Het beschermen van kinderen. We voorkomen dat ze worden uitgebuit en helpen slachtoffers van kinderarbeid. Naast opvang en hulp krijgen zij de kans om weer naar school te gaan, of om een vakopleiding te volgen. 
  • Ouders/verzorgers en gemeenschappen voorlichting te geven over de gevaren van kinderarbeid en het belang van onderwijs.
  • Ouders/verzorgers krijgen hulp bij het creëren van nieuwe bestaansmiddelen, zodat hun inkomen stijgt en hun kinderen niet hoeven te werken.
  • Medewerkers van politie, justitie en andere overheidsinstanties te leren wat kinderarbeid precies inhoudt en wat ze ertegen kunnen doen.
  • Bij lokale en nationale autoriteiten te lobbyen voor de uitvoering van wetten tegen kinderarbeid, zodat bedrijven en families stoppen met het uitbuiten van minderjarige mijnwerkers en huisslaafjes. Daarnaast stimuleren we overheden meer geld uit te trekken voor het toepassen van wetten tegen kinderarbeid.
  • Samen te werken met lokale en internationale organisaties, zodat zij een goed beleid ontwikkelen met betrekking tot kinderarbeid. Samen kunnen we op deze manier het beleid van overheden beïnvloeden.

Resultaten

Een greep uit de resultaten van ons werk tegen kinderarbeid in Oost-Afrika van juli tot en met december 2017:

  • 926 ex-kinderarbeiders geholpen om (weer) naar school te gaan of een vakopleiding te volgen: 515 meisjes en 411 jongens
  • Rechtshulp en arbitrage verleend in 11 verschillende zaken waar jonge meisjes werden uitgebuit als huishoudelijke hulp, vaak met lichamelijke mishandeling en achterhouding van loon ● › 543 huishoudens van ex-kinderarbeiders ondersteund (met training, advies en begeleiding) in het ontwikkelen van inkomstenbronnen als alternatief voor het geld dat de kinderen tot voor kort verdienden 
  • 16 voorlichtingsbijeenkomsten georganiseerd in de kleinschalige gemeenschappen, over de risico’s van kinderarbeid en het belang van onderwijs 
  • 2 media campagnes gevoerd met educatie over kinderrechten en de gevaren van kinderuitbuiting door middel van talkshows op lokale radiozenders 
  • 5 concrete voorstellen ingediend bij Oegandese beleidsmakers als direct gevolg van een intensieve lobby om de wetten en het beleid op het gebied van kinderrechten te verbeteren ›
  • 2 werkplek inspecties uitgevoerd in samenwerking met de lokale autoriteiten: 
  • één nieuwe locatie met een net geopende mijn, waar een enorme goudkoorts heerste en er 100 kinderarbeiders werden aangetroffen, ongeveer 10% van het totaal aantal mijnwerkers • één bestaande locatie waar eerder al bewustwordingsactiviteiten hadden plaatsgevonden, met als resultaat dat er nagenoeg geen kinderen meer aan het werk waren, tijdens de inspectie werden er 5 geteld 
  • 19 medewerkers van het Directorate of Geological Survey and Mines, het orgaan dat verantwoordelijk is voor het toekennen van vergunningen om te mijnen in Oeganda, getraind in de wet tegen kinderarbeid en hun rol in het bestrijden van kinderarbeid in de mijnen. Concreet resultaat is dat het Directorate een clausule met daarin het verbod op kinderarbeid gaat opnemen in het aanvraagformulier voor nieuwe vergunningen.

Een greep uit de resultaten van ons werk tegen kinderarbeid in Oost-Afrika van januari tot en met juni 2017:

  • 870 kinderarbeiders aangetroffen bij een onderzoek om kinderarbeid in kaart te brengen, in twee districten in Oeganda met veel kleinschalige goudmijnen: 402 kinderarbeiders in Bugiri district, en 468 in Moroto district
  • 29 slachtoffers (28 meisjes, 1 jongen) weggehaald uit de ergste vormen van kinderarbeid
  • 38 kinderarbeiders geassisteerd met rechtsbijstand
  • 79 ex-kinderarbeiders geholpen om (weer) naar school te gaan
  • 981 huishoudens van ex-kinderarbeiders geassisteerd met inkomensgenererende activiteiten
  • 2.267 kinderen en 367 ouders/verzorgers bereikt met bewustwording over de risico’s van kinderarbeid en het belang van onderwijs
  • 320 overheidsfunctionarissen getraind in kinderrechten en kinderbescherming