Kindermisbruik in Oost-Afrika

Kindermisbruik in Oost-Afrika Terre des Hommes

In Oost-Afrika komt kindermishandeling veel voor. Dat gebeurt thuis, op school, of in het geval van kindarbeiders, op de werkplek. Ook kinderen die in tehuizen wonen zijn vaak het slachtoffer van mishandeling. Met dit programma richten we ons op een vorm van kindermishandeling met zeer ernstige gevolgen: seksueel misbruik en geweld. Het besnijden van meisjes valt hier ook onder.

Achtergrond

Oorzaken

Armoede is een belangrijke oorzaak van misbruik en geweld in Oost-Afrika, net als het feit dat maar weinig meisjes naar school gaan. Ook de in deze regio heersende opvattingen (meisjes tellen minder mee dan jongens) en tradities spelen een belangrijke rol. Het al genoemde besnijden van meisjes is daar een van, een andere traditie is die van de kindhuwelijken waarbij zeer jonge meisjes met veel oudere mannen moeten trouwen. Veel landen in Oost-Afrika kunnen weinig beginnen tegen de daders. Hun wetgeving is nog niet op orde, of ze hebben niet genoeg kennis, medewerkers of geld om ingevoerde wetten uit te voeren.

Gevolgen

Kindhuwelijken en tienerzwangerschappen zorgen er vaak voor dat meisjes niet meer naar school gaan.  Bovendien zijn zwangerschappen voor meisjes in Oost-Afrikaanse landen een belangrijke doodsoorzaak, omdat hun lichaam het krijgen van een kind vaak nog niet aankan. Ook lopen ze een groot risico op het krijgen van een hiv-infectie. Bovendien veroorzaken kindhuwelijken en besnijdenissen bij veel meisjes depressiviteit en post-traumatische stress.

Doelen

Om kindermisbruik in Oost-Afrika te stoppen richten we ons voornamelijk meisjes tussen de 12 en 18 jaar. Maar we sluiten jongens niet uit, want ook zij kunnen het slachtoffer zijn van seksueel misbruik en geweld.

Aanpak

Doordat kindhuwelijken, meisjesbesnijdenissen en tienerzwangerschappen vooral veel voorkomen in Oeganda en Tanzania, richten wij ons met ons programma vanaf 2016 op deze landen. Ook willen we seksueel misbruik en geweld in tehuizen in Oeganda tegengaan. We werken daarbij nauw samen met (dorps)gemeenschappen, de overheden van beide landen en met justitie, zoals politieagenten en openbaar aanklagers. We voeren ons programma uit door:

  • Kinderen weg te halen uit situaties waarin sprake is van misbruik en geweld. We helpen hen met tijdelijk onderdak, medische en psychosociale zorg en rechtsbijstand.
  • Binnen gemeenschappen mee te werken aan het versterken van formele en informele kinderbeschermingssystemen
  • Bij de overheden van Oeganda en Tanzania te pleiten voor het toepassen en navolgen van kindvriendelijke procedures. Samen met de overheden ontwikkelen we betere systemen voor het identificeren en behandelen van slachtoffers.
  • Samen te werken met bijvoorbeeld bedrijven, zodat zij seksueel geweld en misbruik kunnen tegengaan.
  • Medewerkers van politie en justitie te leren hoe ze wetten beter kunnen toepassen. Ook trainen we hen in hoe ze het beste kunnen omgaan met slachtoffers, bijvoorbeeld tijdens verhoren.
  • Zoveel mogelijk te voorkomen dat kinderen in tehuizen belanden. We stimuleren het bieden van alternatieve zorg, zoals het plaatsen van kinderen bij familieleden of in pleeggezinnen. Ook verbeteren we samen met de overheid van Oeganda de zorg in kindertehuizen.

Oorzaken wegnemen

We kunnen kinderen helpen die het slachtoffer zijn van seksueel misbruik en geweld, maar als we de oorzaken niet wegnemen blijft het dweilen met de kraan open. Vandaar dat we in Oeganda en Tanzania meewerken aan het uitbannen van kindhuwelijken, meisjesbesnijdenissen, seksueel geweld en tienerzwangerschappen. Daarvoor betrekken we leiders van gemeenschappen bij ons werk; als zij anders gaan denken over deze zaken, doen de leden van de gemeenschappen dat vaak ook. Ook maken we meisjes weerbaar. Ze leren voor zichzelf opkomen en we stimuleren hen om (weer) naar school te gaan.

Resultaten

Een greep uit de resultaten van ons werk tegen kindermisbruik in Oost-Afrika van april tot en met juni 2016:

  • 165 kinderen (95 meisjes, 70 jongens) behoed voor diverse vormen van kindermisbruik
  • 67 slachtoffers en kwetsbare meisjes geholpen om (weer) naar school te gaan
  • 34 slachtoffers geassisteerd met rechtsbijstand (allemaal meisjes)
  • 97 huishoudens geholpen met inkomensgenererende activiteiten
  • 48.197 mensen bereikt met bewustwordingscampagnes
  • 37 lokale kinderbeschermingscomité’s ondersteund, met 210 leden
  • 403 functionarissen van de lokale overheid getraind in kinderrechten en kinderbescherming