Overstromingen Nepal: kinderen raken huis, houvast en veiligheid kwijt
Een huis dat wordt meegesleurd door het water. Een school die niet meer bereikbaar is. Een gezin dat van de ene op de andere dag in een overvol klaslokaal moet slapen. Voor kinderen die getroffen zijn door de overstromingen in Nepal is niet alleen hun thuis verdwenen. Ook veel van wat hen veiligheid en houvast gaf, is plotseling weggevallen. Juist nu hebben zij bescherming en ondersteuning nodig.
“Na de ramp veranderde alles om ons heen”, vertelt de 14-jarige Shyam* uit het district Rasuwa. “We konden niet meer in ons huis wonen. Ik was bang, omdat ik niet wist wanneer alles weer normaal zou worden.”
Veel kinderen in het getroffen gebied leven met diezelfde onzekerheid. Gezinnen hebben hun huis moeten verlaten, scholen en wegen zijn beschadigd en voorzieningen zijn niet meer bereikbaar. Kinderen raken hun dagelijkse routines kwijt en kunnen worden afgesneden van de mensen en plekken waar ze normaal gesproken terechtkunnen voor hulp.
Een ramp neemt daarmee veel meer weg dan huizen en bezittingen. Ook de beschermende omgeving rondom een kind kan in één klap verdwijnen.
Kinderen die nachtenlang nauwelijks slapen
Pramila Manandhar, communicatiemanager bij onze lokale partnerorganisatie CWIN Nepal, zag van dichtbij wat de ramp met kinderen doet. Samen met een team bezocht ze een tijdelijk opvangcentrum voor gezinnen die hun huis moesten verlaten.
“Sommige kinderen vertelden ons dat ze al meerdere nachten niet goed hadden kunnen slapen. Baby’s en jonge kinderen huilden een groot deel van de nacht en de oudere kinderen raakten steeds vermoeider en onrustiger,” zegt Pramila.
Toen Pramila met de moeders sprak, werd duidelijk hoe ingrijpend hun dagelijks leven was veranderd. Zelfs iets vanzelfsprekends als eten klaarmaken voor hun kinderen was plotseling moeilijk geworden. De gezinnen konden niet zelf koken en waren afhankelijk van maaltijden die in het opvangcentrum werden uitgedeeld. Die waren bedoeld voor volwassenen en vaak te pittig of onbekend voor baby’s en jonge kinderen.
CWIN zorgde daarom onder meer voor babymelk en lito, een voedzame Nepalese pap van geroosterde granen en peulvruchten. Maar alleen voedsel was niet genoeg. Medewerkers boden moeders ook psychosociale ondersteuning, luisterden naar hun zorgen en hielpen hen om kleine, vertrouwde routines terug te brengen. Zo konden ze zelf voeding voor hun kinderen klaarmaken, hen troosten en weer wat ritme in de dag brengen.
Het lijken misschien kleine dingen, maar juist wanneer een ramp zoveel zekerheid wegneemt, kunnen vertrouwde routines ouders en kinderen weer rust, houvast en een gevoel van veiligheid geven.
“Drie dagen later vertelden kinderen ons dat ze weer beter sliepen”, vertelt Pramila.
Na meerdere slapeloze nachten is een rustige nacht voor een kind dat midden in een ramp leeft allesbehalve vanzelfsprekend.
“Ik heb geen huis meer. Waar moeten we nu naartoe?”
In een ander tijdelijk opvangcentrum ontmoette Pramila een jonge moeder met twee kleine kinderen. Een klaslokaal was ingericht als tijdelijke slaapruimte. Bedden stonden dicht naast elkaar. Gezinnen die kort daarvoor nog een eigen huis en dagelijks leven hadden, deelden nu dezelfde ruimte en wisten niet wanneer ze weer weg konden.
Het huurhuis van de jonge moeder was volledig weggespoeld.
Pramila: “Ik vroeg haar wat sinds de ramp het moeilijkst voor haar was. Haar antwoord was eenvoudig: ‘Ik heb geen huis meer. Waar moeten we nu naartoe?’”
Ook haar twee jonge kinderen waren ziek.
“Toen ik vroeg welke hulp ze nodig had, vond ze het moeilijk om antwoord te geven. Dat bleef me bij. Ze zorgde voor twee kleine kinderen terwijl ze tegelijkertijd haar huis kwijt was, niet wist wat de toekomst zou brengen en moest zien om te gaan met het leven in een drukke, onbekende omgeving.”
Maar er speelde nog iets. In de gezamenlijke slaapruimte was nauwelijks privacy. Veel onbekende gezinnen verbleven dicht op elkaar. Voor vrouwen en kinderen kan zo’n situatie extra veiligheidsrisico’s met zich meebrengen.
CWIN bood de moeder psychosociale ondersteuning en kaartte de situatie aan bij de lokale autoriteiten. Vervolgens werd een aparte verblijfsruimte voor vrouwen en kinderen ingericht en kwam er extra vrouwelijk beveiligingspersoneel.
“Soms begint bescherming met goed luisteren naar de zorgen van één persoon en vervolgens de omgeving zo veranderen dat ook anderen zich veiliger kunnen voelen”, vertelt Pramila.
Een ramp neemt ook bescherming weg
Voor kinderen stopt de impact van een ramp niet wanneer het water zakt.
Hun huis is verdwenen. Hun school is niet bereikbaar. Ze moeten ergens anders slapen. Vertrouwde mensen en dagelijkse routines vallen weg. En juist de mensen en voorzieningen die normaal signaleren wanneer een kind hulp nodig heeft, kunnen door de ramp zelf onder druk komen te staan.
Daarom is kinderbescherming een belangrijk onderdeel van de hulp na een ramp.
Samen met CWIN zoeken we kinderen en gezinnen in de getroffen gebieden op. Onze teams luisteren naar hun zorgen, bieden psychosociale ondersteuning, signaleren wanneer een kind extra bescherming nodig heeft en helpen gezinnen opnieuw toegang te krijgen tot de mensen en voorzieningen waarop zij normaal kunnen terugvallen.
Zoals Pramila het verwoordt: “Een ramp kan de wereld van een kind binnen enkele minuten volledig veranderen. De mensen en systemen die kinderen beschermen weer op de been helpen, is een belangrijk onderdeel van hun herstel.”
Kinderen hebben nú bescherming nodig
Terwijl gezinnen proberen hun leven opnieuw op te bouwen, leven veel kinderen nog altijd met de gevolgen van de overstromingen. Zij hebben niet alleen een dak boven hun hoofd nodig, maar ook een veilige omgeving, iemand die naar hen luistert en ondersteuning wanneer ze die nodig hebben.
Met jouw donatie help je om kinderen na de overstromingen weer veiligheid, steun en bescherming te bieden.
*Naam gewijzigd om de privacy van het kind te beschermen.