Kinderhandel in Oost-Afrika

Kinderhandel in Oost-Afrika Terre des Hommes

Naar schatting 25.000 tot 30.000 mensen in Sub-Sahara Afrika waren tussen 2000 en 2013 het slachtoffer van mensenhandel. Iets meer dan een kwart van hen was kind. Kinderhandel vindt plaats binnen landen zelf en over landsgrenzen binnen en buiten de regio. Ethiopië, Kenia, Oeganda en Tanzania zijn voor verhandelde kinderen zowel landen van herkomst, tussenstops als eindbestemmingen. Hoewel kinderhandel in deze landen verboden is, hebben ze niet genoeg geld en kennis om de daders aan te pakken.

Achtergrond

Oorzaken

Kinderhandel is voor ronselaars lucratief, omdat kinderen goedkope arbeidskrachten zijn en ‘makkelijk’ seksueel kunnen worden uitgebuit. Armoede, een moeilijke thuissituatie en slecht functionerende kinderbeschermingssystemen werken kinderhandel in de hand, net als het feit dat kinderen in deze regio vaak voortijdig stoppen met school. 

Gevolgen

De gevolgen voor kinderen die het slachtoffer worden van kinderhandel zijn ernstig. Ze staan bloot aan criminaliteit, geweld en misbruik. Ouders of verzorgers geven kinderen vaak met de beste bedoelingen aan ronselaars mee. Ze hopen dat ze zo werk krijgen, of een opleiding kunnen volgen. In werkelijkheid worden deze kinderen uitgebuit, vaak onder gevaarlijke omstandigheden of in een illegale omgeving. Voor kinderen die terugkeren naar huis is het erg moeilijk om de draad van hun leven weer op te pakken. Hun gezondheid is vaak blijvend aangetast, ze zijn getraumatiseerd of depressief en ze vinden het heel moeilijk om weer normaal te functioneren binnen hun familie en gemeenschap.

Doelen

Om kinderhandel in Oost-Afrika aan te pakken richten we ons op de volgende doelgroepen:

  • Kinderen die het slachtoffer zijn – of dreigen te worden – van kinderhandel.
  • Families en gemeenschappen
  • Maatschappelijke organisaties
  • De particuliere sector (bijvoorbeeld vervoersbedrijven)
  • Lokale en nationale overheden

Onze belangrijkste doelstellingen zijn: 

  • 5000 kwetsbare kinderen gaan naar school
  • 4200 kinderen zijn gered uit de kinderhandel
  • 800 kinderen hebben juridische hulp gekregen
  • 18.000 kinderen hebben voorlichting gekregen over kinderhandel

Aanpak

Met ons programma richten we ons op alle betrokkenen bij kinderhandel. De focus ligt daarbij op Ethiopië, Kenia, Oeganda en Tanzania.

We voeren ons programma uit door:

  • Kinderen weerbaar te maken tegen kinderhandel, door hen uit te leggen dat deze praktijken illegaal zijn en negatieve gevolgen voor hen hebben. Hetzelfde doen we met hun ouders/verzorgers en de gemeenschappen waarin ze wonen.
  • Kinderen te redden van kinderhandel, bijvoorbeeld door het uitvoeren van extra grenscontroles. Ook trainen we overheidsfunctionarissen en hulpverleners, zodat zij slachtoffers van kinderhandel kunnen herkennen. Geredde kinderen herenigen we zoveel mogelijk met hun familie. Ze krijgen van ons ook hulp bij het verwerken van hun ervaringen.
  • Samen te werken met lokale organisaties en de particuliere sector, zodat ook zij hun steentje kunnen bijdragen aan de strijd tegen kinderhandel. Bijvoorbeeld vervoersbedrijven (denk aan busbedrijven), kunnen hun chauffeurs vragen te letten op kinderen die alleen reizen.
  • Samen te werken met lokale en nationale overheden voor het verbeteren en uitvoeren van hun kinderbeschermingsbeleid én voor het opsporen en berechten van daders. Omdat kinderhandel landgrenzen overschrijdt, is het belangrijk dat ons programma op regionaal niveau goed functioneert. Dan kunnen overheden met elkaar samenwerken bij grensovergangen.

Resultaten

Een greep uit de resultaten van ons werk tegen kinderhandel en onveilige migratie in Oost-Afrika van juli tot en met december 2017:

  • › 250 kinderen onderschept en beschermd tijdens hun onveilige migratie (200 meisjes, 50 jongens) 
  • › 74 slachtoffers geholpen om (weer) naar school te gaan (70 meisjes, 4 jongens) 
  • › 32 slachtoffers ondersteund met rechtshulp (26 meisjes, 6 jongens) 
  • › 3.808 kinderen en 248 gemeenschapsleden bereikt met voorlichting over de risico’s van migratie en het belang van onderwijs 
  • ›104 campagnes in de (lokale) media gehouden om het grote publiek bewust te maken van de gevaren van migratie voor kinderen 
  • › 305 overheidsfunctionarissen getraind in kinderrechten 

Een greep uit de resultaten van ons werk tegen kinderhandel en onveilige migratie in Oost-Afrika van januari tot en met juni 2017:

  • 642 kinderen onderschept en beschermd tijdens hun onveilige migratie (452 meisjes, 190 jongens)
  • 1.373 slachtoffers en kwetsbare kinderen geholpen om (weer) naar school te gaan
  • 390 huishoudens getraind in inkomensgenererende activiteiten zodat de prikkel voor kinderen om weg te trekken afneemt
  • 35.865 kinderen en 20.447 gemeenschapsleden bereikt met voorlichting over de risico’s van migratie en het belang van onderwijs
  • 44 lokale kinderbeschermingscomité’s bestaande uit 529 leden ondersteund
  • 50 functionarissen van de lokale politie en rechterlijke macht getraind in kindvriendelijke interviewtechnieken en 52 overheidsfunctionarissen in kinderrechten